De ontwikkeling van liefde

Ogen kunnen dicht nu als lippen
handen voorgaan op de tast
tongen eerste verkenners zijn
niet wachtend om naar binnen te gaan
vingers gulzig voorwerk doen
bovenbenen intimiteit omhelzen

waarom dacht ik ineens aan rood
heb je die vlieg gezien, die vuurvlieg
oplichtend als het donker is
vliegend in onze beslotenheid
of was het zo maar een gedachte
tijdens onze ultieme ademstoot

en als de nacht ouder en lichter wordt
wij bedaarde salamanders zijn
op koele muren van de morgen
onze wellust een trein langzaam
hijgend tot stilstand gekomen
dan gaat liefde verder stroomopwaarts
onze harten worden boeien
langs de vaargeul naar het rood
waar we telkens beginnen.

Harderwijk 5 juli 2019

Gedicht geschreven en voorgedragen op verzoek van kunstenaar Peter Riezenbos